Leerdoel 2 in competentie 4 Organisatorisch competent
Wat wil ik leren?
Leerdoel 2-4: Doorgeven van dingen die niet goed zijn (bijvoorbeeld dat ik in lokaal G208 & G216 de tv niet kan gebruiken met mijn mac om te presenteren.)
Waarom wil ik dit leren?
Omdat ik nu nog niet weet bij wie ik dit moet doen en ik voel me bezwaard om dit te doen maar ik kan anders de les niet goed verzorgen.
Hoe ga ik dit leren? Wat ga ik doen?
Om dit te leren ga ik wanneer zich zo’n situatie voor doet dit meteen zelf oplossen. Na de les ga ik kijken hoe ik ervoor kan zorgen dat dit volgende keer niet meer gaat gebeuren. Bijvoorbeeld door door te geven dat ik in bepaalde lokalen geen les kan geven en ze me hier niet meer in moeten roosteren maar ook door na te denken over een back-up plan bij het maken van de lessen voor als ze me er wel inplannen.
Wat heb ik erbij nodig?
De lessen die ik moet doen en waarbij ik dan tegen verrassende situaties aan loop die ik op moet lossen.
Wie kan mij erbij helpen?
Meestal kan ik zelf wel bedenken aan wie ik bepaalde dingen door moet geven maar als ik dit niet weet dan kan ik dit vragen aan mijn collega docenten of mijn stagebegeleidster van mijn stageschool.
Hoe vaak ga je dit oefenen? (hoe lang doe je er over)
Dit oefenen duurt het gehele jaar wanneer ik iets tegenkom waar ik iets aan moet doen.