De leraar voortgezet onderwijs en bve moet contacten onderhouden met de ouders of verzorgers van de leerlingen/ deelnemers en met collega’s van (leer)bedrijven en instellingen waar zijn school voor het onderwijs en de leerlingen-/deelnemerszorg mee samenwerkt. Hij moet er ook voor zorgen dat zijn professionele handelen en dat van anderen buiten de school goed op elkaar afgestemd zijn. Bovendien moet hij eraan meewerken dat de samenwerking van zijn school met die bedrijven en instellingen goed verloopt.
Zo’n leraar zorgt ervoor dat:
– er een goede communicatie en afstemming is met ouders
of verzorgers van de leerlingen/deelnemers;
– er – in overleg met de leerling – een goede communicatie
en afstemming is tussen school, leerling en bedrijven of instellingen waar de leerling (in het kader van zijn opleiding) mee te maken heeft;
– er doeltreffend gebruik gemaakt wordt van het professionele netwerk van de school als het gaat om de opleiding van de leerling of de zorg voor de leerling;
– hij de contacten namens de school op een verantwoordelijke en zorgvuldige wijze onderhoudt met de omgeving van de school.
De leraar in opleiding neemt zelfstandig en actief deel aan overleg met mensen en instellingen buiten de school, te denken valt aan ouderavonden, open dagen, bedrijfsstages, zorgstructuuroverleg enzovoort.
Waar ik stond
Om te kijken waar ik stond ben ik in het begin van het schooljaar begonnen met een SWOT-analyse te maken. Hierin heb ik mijn verbeterpunten en mijn sterke punten opgeschreven.
SWOT
Sterke punten
Deze competentie was lastig omdat hier niet heel erg veel van in mijn stage voorbij is gekomen. Wel heb ik als sterk punt dat ik uit gesprekken die ik gemakkelijk met de leerling aanga goed haal of er informatie is die ik wellicht door moet spelen om de leerling te helpen. Hierbij hou ik natuurlijk wel rekening met privacy-kwesties want niet alles kun je zomaar doorvertellen.
Zwakke punten
Ik heb in deze competentie helaas eerder tijdens mijn minor niet heel erg veel ervaring op kunnen doen en daarom zal dit een competentie zijn die later nog verder zal moeten ontwikkeling. Daarom hoop ik dat ik er in iedergeval achter kan komen met welke instellingen school allemaal contacten heeft wanneer dit nodig is in bepaalde situaties. Ook zou ik als dit mogelijk is ook een keer mee gaan bij zo’n gesprek of dag buiten de school.
Dit zwakke punt is hierdoor ook mijn leer-/verbeter punt waarin ik natuurlijk ga groeien wanneer ik meer mee draai binnen scholen en organisaties in de komende jaren.
Leerdoelen begin van het schooljaar
*Klik op een leerdoel om naar het POP/PAP te gaan van het betreffende leerdoel*
Leerdoel 1-6: Met welke instellingen etc heeft de school contacten wanneer dit nodig is als begeleiding voor een leerling?
Leerdoel 2-6: Meekijken en eventueel doen/helpen bij gesprekken of dagen met mensen van buiten de school.
Wat ik heb gedaan/geleerd
Leerdoelen na tussenbeoordeling
Na de tussenbeoordeling heb ik mijn leerdoelen aangepast. Ik ben mij meer gaan richten op punten die ik nog erg lastig vond en dingen die ik graag nog wilde gaan doen of leren. De nieuwe leerdoelen die hieruit kwamen zijn:
C6.1 – De student hanteert relevante gespreksvaardigheden en -technieken (bijv. slecht-nieuwsgesprek, adviesgesprek).
C6.3 – De student geeft aan ouders en andere belanghebbenden – in het belang van de leerling – informatie en doet dit met respect.
Afgelopen tijd ben ik op deze manier met de gestelde leerdoelen bezig geweest.
*C6.1 – Mee geweest naar stagebezoek.
*C6.3 – Meegeholpen op open dag (zie blogverslag) voor hoe dit is gegaan.
Bewijsmateriaal van nu
Voorbeeld 1: Mee geweest naar een stagebezoek
Ik ben mee geweest naar een stagebezoek. Natuurlijk heb ik niet het woord gedaan want dit was niet de bedoeling maar ik heb wel kunnen zien hoe zo’n gesprek gaat. Wat voornamelijk voorbij kwam waren dingen als: kijken hoe het gaat met de student. Wat doet die bij het bedrijf, zit die op z’n plek, is het voor de student duidelijk wat er van hem verwacht wordt?
Link: Klik hier voor het voorbeeld dat beschreven staan in het logboek van week 24.
Voorbeeld 2: Geholpen op de open dag
Ik heb geholpen op de open dag van de school. In het begin was het lastig omdat ik niet de exacte gang van zake wist op het school en je geen verkeerde informatie wilt geven aan de nieuwe studenten. Maar na 2x luisteren bij een andere docent en enkele vraagtekens bij mij op te lossen ben ik gewoon aan de slag gegaan en heb ik nieuwe studenten en ouders goed te woord kunnen staan. Wanneer ik een vraag niet wist heb ik de student aan een ander docent gekoppeld die deze vraag wel kon beantwoorden zodat ik zeker wist dat de vraag opgehelderd zou worden en de student niet zelf opzoek hoefde naar iemand die het antwoord kon geven.
Link: Klik hier voor het voorbeeld dat beschreven staan in het logboek van week 19.
Bewijsmateriaal (van de minor)
Voorbeeld 1: Gesprek met leerling van HTML / CSS 3e jaars klas
Ik heb in het belang van de leerling contact gehad met de mentor van deze leerling. Deze leerling had aangegeven te denken niet op de juiste plaats te zitten binnen de opleiding die zij nu volgde. Ze gaf aan dat ze het maken van websites (wat ze bij mij leerde) leuker vond dan alleen maar dat tekenen en ontwerpen. Ze vond het ontwerpen wel leuk maar wilde ook zeker meer bezig zijn met het maken van een website en dergelijke. Ik heb hierover contact gehad met haar mentor en deze heeft contact opgenomen met haar. Hierdoor is het traject in werking gegaan om ervoor te zorgen dat een overstap van haar huidige opleiding naar wat zij echt helemaal te gek vind in werking wordt gezet.
Link: naar het weekverslag.
Hoe nu verder
Ik denk dat ik binnen deze competentie nog veel kan leren wanneer ik langer op een school werk. Bijvoorbeeld als ik uiteindelijk een LOB-er zou worden (ouderavonden) of stagebegeleider ben van studenten. Dit zijn echter geen taken van een beginnend docent op school maar is zeker wel iets wat ik me uiteindelijk zie gaan doen.