4. Organisatorisch competent

De leraar voortgezet onderwijs en bve draagt zorg voor organisatorische zaken die samenhangen met zijn onderwijs en het leerproces van de leerlingen/deelnemers in de school en op de leerwerkplek.

De leraar voortgezet onderwijs en bve die organisatorisch competent is, zorgt ervoor dat de leerlingen/deelnemers een ordelijke en taakgerichte omgeving treffen.

Waar het leren zich op verschillende plaatsen afspeelt (bijvoorbeeld op verschillende plaatsen in de school, stages, leerbedrijf, buitenschoolse projecten) zorgt de leraar (eventueel in samenspraak met andere begeleiders) voor afstemming tussen die verschillende plaatsen.

Zo’n leraar zorgt er dus voor dat de leerlingen/deelnemers:
– weten waar ze aan toe zijn en welke ruimte ze hebben 
voor eigen initiatief;
– weten wat ze moeten (of kunnen) doen, hoe en met welk doel ze dat moeten (of kunnen) doen.

De leraar in opleiding hanteert zelfstandig een efficiënte vorm van time- en taakmanagement m.b.t. activiteiten binnen en buiten de les, voor zichzelf en voor de leerlingen. Hij richt de werkruimtes op een veilige en doelmatige manier in en stemt de activiteiten van uiteenlopende leeromgevingen op elkaar af.
Hij treedt regulerend en ordenend op in onverwachte situaties. Hij administreert relevante informatie (niet alleen leerling administratie).


Waar ik stond

Om te kijken waar ik stond ben ik in het begin van het schooljaar begonnen met een SWOT-analyse te maken. Hierin heb ik mijn verbeterpunten en mijn sterke punten opgeschreven.

SWOT
Sterke punten
Mijn sterke punten binnen deze competenties zijn dat ik erg organisatorisch ben. Ik kan van tevoren goed nadenken over de mogelijke situaties waarin ik terecht kom en me hier op voorbereiden. Ook met plotselinge veranderingen of situaties kan ik omgaan en kan ik mijn plan in overleg met de ander gemakkelijk wijzigen. Ook kan ik duidelijk aan leerlingen vertellen wat ik van hen verwacht en wat zij van mij kunnen verwachten.

Zwakke punten
Ik denk dat ik bij deze competentie niet echt een punt heb wat ik niet beheers omdat ik een organisatorisch persoon ben van mijzelf en dit dus ook voor mijn lessen.

Natuurlijk ga ik binnen de punten in deze competentie wel nog meer groeien wanneer ik meer les geef de komende jaren.

Leerdoelen begin van het schooljaar
*Klik op een leerdoel om naar het POP/PAP te gaan van het betreffende leerdoel*
Leerdoel 1-4: Hoe teken ik huiswerk van de klas af zonder dat dit erg veel tijd kost en ik de klas niet meer kan begeleiden.
Leerdoel 2-4: Doorgeven van dingen die niet goed zijn (bijvoorbeeld dat ik in lokaal G208 & G216 de tv niet kan gebruiken met mijn MAC om te presenteren.)


Wat ik heb gedaan/geleerd

Leerdoelen na tussenbeoordeling
Na de tussenbeoordeling heb ik mijn leerdoelen aangepast. Ik ben mij meer gaan richten op punten die ik nog erg lastig vond en dingen die ik graag nog wilde gaan doen of leren. De nieuwe leerdoelen die hieruit kwamen zijn:
C4.4 – De student stelt prioriteiten en verdeelt de beschikbare tijd efficiënt, zowel voor zichzelf als voor de leerlingen.
C4.5 – De student weet om te gaan met beperkte mogelijkheden van de leeromgeving, en beschikt bij knelpunten over alternatieven.
C4.2 / 4.6 – De student kent de te hanteren regels en afspraken en houdt zich daaraan. & Plant eigen werk en maakt werkafspraken met leerlingen

Afgelopen tijd ben ik op deze manier met de gestelde leerdoelen bezig geweest.
*C4.4 – De planning is gemaakt welke les, welke opdrachten gemaakt moeten worden en volgende les moet het meestal af zijn.
*C4.5 – Beamer die niet werkt op mijn laptop dan andere oplossing. Of gewoon doen met oude beamer formaten van school bij presentaties van website.
*C4.2 / 4.6 – Ik ben al wel iets minder van het uitstellen van de deadlines. Dat ik dit heb is omdat er gezegd is dat ik niet te streng mag zijn omdat het nog maar 1e-jaars zijn. In overleg met Monique kijken we wat schappelijk is wat betreft de deadlines.

Bewijsmateriaal van nu
Voorbeeld 1: Organiseren van de les
In het begin van de schoolperiode werd ik in een klas ingedeeld waarin mijn laptop het niet deed op de beamer. Hierdoor kon ik de presentatie niet goed geven. Daarom heb ik contact opgenomen met het roosterbureau om te zorgen dat ik hier niet meer ingedeeld werd.

Ook heb ik bij een project de klas klaargemaakt voor het knutselen voor de module Paperapp, wat de studenten moesten gaan doen. Daarvoor heb ik allerlei spulletjes meegenomen en geregeld zoals satéstokjes, gekleurd papier, koffielepeltjes, schaar, lijm, liniaal etc.

Voorbeeld 2: Planning/verwachtingen
De studenten krijgen in het begin van de les te horen wat ze vandaag kunnen verwachten. Het is een soort planning van de dag. Als de module begint dan beginnen we met een overzicht van de module weken zodat ze voor de gehele module weten wat ze kunnen verwachten. Dit is te zien in de video hieronder over hoe ik voor de klas sta.

Voorbeeld 3: Eindbeoordeling en enquête studenten
Zowel in het eindbeoordelingsformulier als in de enquête onder de studenten kwam er naar voren dat ik deze competentie goed beheerste. In de eindbeoordeling heb ik alle punten op een goed behaald. In de enquête waren bijna alle vragen onder het kopje organisatorisch competent met een goed of heel goed beoordeeld.
Link: Klik hier voor de enquête uitslag.
Link: Klik hier voor mijn eindbeoordeling.

Bewijsmateriaal (van de minor)
Voorbeeld 1: HTML / CSS lessen
De lessen die ik op stage heb gegeven zijn de lessen HTML5 en CSS. Ik heb de lessen helemaal zelf mogen invullen en bedenken. Daarbij kijk ik goed naar de mogelijkheden. Ik weet dat ik rekening moet houden met het feit dat het mogelijk is dat ik in een heel groot lokaal les moet gaan geven waar ook nog een andere klas bij is welke ook binnen die tijd les van een andere docent moet krijgen. Hierdoor moet ik rekening houden met de beperkte tijd en afspraken maken met de andere docent wie wanneer zijn/haar les doet. Waar ik verder rekening mee moet houden is de manier van les die ze krijgen op het Sint Lucas. Ze werken veel met projecten en daar moet ik natuurlijk rekening mee houden. Ze werken veel zelf en daarom ga ik niet de hele tijd praten maar leg ik wat uit en daarna gaan ze zelf aan de slag. Leerlingen krijgen van mij een algehele planning en moeten dit zelf bijhouden. Wel kom ik steekproefsgewijs kijken of het huiswerk gemaakt is en dit zal ik noteren zodat ik een idee heb of leerlingen zich wel bezighouden met de stof die ik ze aanbied.
Link: Naar extra informatie over de HTML / CSS lessen

Voorbeeld 2: Busreis uitdenken (schoolopdracht)
Op school hadden we een opdracht om een educatieve schoolreis uit te denken. Hier moest je echt over allerlei dingen nadenken. Dit ging van waar naar toe en met wat voor bus maar ook diepgaandere zaken zoals wat er in de bus aanwezig is. Geef ik de leerlingen opdrachten in de bus of juist niet. Wat kunnen ze dan doen en wat doen ze bij de excursie. Wat is het doel van de excursie? Wat kunnen ze van mij verwachten? Verder dacht ik ook na over aantal leerlingen die mee gingen, hoeveel begeleiders je dan nodig hebt, welke sfeer ik wil dat de excursie heeft. En dergelijke informatie, zoals je kunt lezen op de link hieronder heb ik veel uitgedacht.
Link: Naar de busopdracht

Voorbeeld 3: Lessenreeks (schoolopdracht)
Als opdracht voor school moesten we een lessenreeks opzetten met daarin een introtoets, de lessen en een eindtoets. Deze reeks heb ik in zijn geheel opgezet en helemaal uitgewerkt. Ik ben begonnen met een beginsituatie waarin ik verwacht dat de klas zich bevind. Voor de introtoets heb ik een toets matrijs gemaakt. Aan de hand hiervan heb ik mijn vragen voor mijn toets opgesteld. Ik heb doelstellingen voor mijn lessen opgesteld en beschreven hoe ik dit ga evalueren. Per les heb ik een lesvoorbereidingsformulier ingevuld waarin ook nog eens vermeld staat wat ik wil bereiken met de les en hoe lang ze ongeveer waar mee bezig zijn. Ook voor het proefwerk heb ik een toets matrijs ingevuld en heb ik ervoor gezorgd dat er een correctie model is waardoor je halve antwoorden wellicht ook nog kunt beantwoorden en waarin je ook kunt zien wanneer een antwoord compleet is. Als laatste eindig ik met de puntverdeling. Mijn beoordeling voor de lessenreeks was heel erg goed en ik had dan ook een 9.
Link: http://www.ireem.nl/educatie/opdrachten/lessenreeks/


Hoe nu verder

Ik vind het belangrijk om goed voorbereid te zijn en dat zal ik dus komende tijd ook zijn. Dit omdat ik denk dat je hiermee ook een signaal naar de studenten afgeeft. Je moet voorbereidt zijn op alle situaties.

3. Vakinhoudelijk en didactisch competent

De leraar voortgezet onderwijs en bve moet de leerlingen/ deelnemers helpen zich de leerinhouden van een bepaald
vak of beroep eigen te maken en vertrouwd te raken met
de manier waarop die in het dagelijkse leven en in het werk gebruikt worden. Ook helpt hij de leerlingen/deelnemers zicht te krijgen op wat zij in de samenleving en in de wereld van het werken kunnen verwachten.

Een leraar die vak- of beroepsinhoudelijk en didactisch competent is, creëert een krachtige leeromgeving, onder andere door het leren in verband te brengen met realistische en voor de leerlingen/deelnemers relevante toepassingen van kennis in beroep en maatschappij.

Zo’n leraar:
– stemt de leerinhouden en ook zijn doen en laten af op de 
leerlingen/deelnemers en houdt rekening met individuele verschillen;
– bepaalt met de leerling diens (individuele) leertraject, met bijvoorbeeld mogelijkheden voor leren in en buiten school en leren in de context van de beroepsuitoefening;
– motiveert de leerlingen/deelnemers voor hun leer- en 
werktaken, daagt hen uit om er het beste van te maken 
en helpt hen om ze met succes af te ronden;
– leert de leerlingen/deelnemers leren en werken, ook 
van en met elkaar, om daarmee onder andere hun zelfstandigheid te bevorderen.

De leraar in opleiding staat boven de leerstof. Hij legt verbanden tussen praktijk en theorie. Daarbij ontwerpt hij zelfstandig onderwijsleeractiviteiten die recht doen aan verschillen tussen leerlingen, met aandacht voor differentiatie en gevarieerde werkvormen. Hij gaat bij de uitvoering flexibel om met het proces, evalueert dit en betrekt bij dit alles ook de leerlingen.


Waar ik stond

Om te kijken waar ik stond ben ik in het begin van het schooljaar begonnen met een SWOT-analyse te maken. Hierin heb ik mijn verbeterpunten en mijn sterke punten opgeschreven.

SWOT
Sterke punten
Mijn sterke punten zijn dat ik individueel per leerling bekijk wat het niveau is en daarop de leerinhoud afstem. Ook motiveer en daag ik de leerlingen hierdoor uit om het beste van zichzelf naar boven te halen. Als de leerlingen iets niet weten geef ik niet meteen het antwoord maar laat ik ze bij andere leerlingen informeren of geef ze een hint waarna ze kunnen gaan zoeken met Google zodat ze zelf achter het antwoord en de oplossing kunnen komen.

Zwakke punten
Ik was van plan om veel verschillende werkvormen te gaan proberen. Helaas ben ik hier niet echt aan toegekomen. Voornamelijk heb ik gebruik gemaakt van het doceren, onderwijsleergesprek en het zelfstandig werken door leerlingen. Nu is het echter wel zo dat ik niet echt de kans gekregen heb hier een andere werkvorm te proberen maar dit is wel iets wat ik in de toekomst zeker wil gaan doen.

Dit zwakke punt is hierdoor ook mijn leer-/verbeter punt waarin ik natuurlijk ga groeien wanneer ik meer les geef in de komende jaren.

Leerdoelen begin van het schooljaar
*Klik op een leerdoel om naar het POP/PAP te gaan van het betreffende leerdoel*
Leerdoel 1-3: Wat laat je iemand doen die al klaar is? Zodat deze zich niet gaat vervelen en daardoor andere niet gaat afleiden.
Leerdoel 2-3: Verdiepen in Adobe Edge Reflow zodat ik hier over een tijd wanneer het nodig is les in kan geven.


Wat ik heb gedaan/geleerd

Leerdoelen na tussenbeoordeling
Na de tussenbeoordeling heb ik mijn leerdoelen aangepast. Ik ben mij meer gaan richten op punten die ik nog erg lastig vond en dingen die ik graag nog wilde gaan doen of leren. De nieuwe leerdoelen die hieruit kwamen zijn:
C3.13 – De student ondersteunt de leerlingen in hun leerproces, door leervragen en leerproblemen te signaleren, te benoemen en erop te reageren.
C3.21 – De student verantwoord zijn didactische opvattingen en de gekozen aanpak.

Afgelopen tijd ben ik op deze manier met de gestelde leerdoelen bezig geweest.
*3.13 – Probeer als studenten andere dingen zitten te doen erheen gaan en vragen of het lukt en of ik ze kan helpen etc.
*3.21 – dit doe ik. Ook als ik denk dat een andere methode beter zou werken o.i.d. dan geef ik dit in overleg aan en hebben we het erover om mogelijk dingen anders te doen.

Bewijsmateriaal van nu
Voorbeeld 1: De student stimuleren in zelfstandigheid
Uit de enquête die ik gehouden heb na de HTML/CSS module bleek dat ik de studenten hielp om zelfstandig te werken. “Aangezien de lessen gericht waren op zelfstandigheid, was de docent niet heel veel betrokken bij de studenten. Maar omdat de lessen zelfstandig zijn is dit geen min punt. Het stimuleert de zelfstandigheid.” Ook hebben wij bij de modules vaak gezegd dat het op tijd aftekenen hiervan bij de docent een eigen verantwoording is.

Voorbeeld 2: Beroepsproduct “De krachtige leeromgeving”
Als schoolopdracht hebben we een opdracht moeten maken over de krachtige leeromgeving. Hiervoor heb ik omschreven hoe ik een krachtige leeromgeving voor mij zie en hoe ik het onderwijs maar voornamelijk ook het toetsen het liefste zou zien/doen. Ook heb ik hiervoor interviews afgenomen met andere docenten op school zodat ik meer input had over wat zij belangrijk vonden in een krachtige leeromgeving.
Link: Klik hier voor mijn opdracht over de krachtige leeromgeving.

Voorbeeld 3: Het beste uit de student halen
De studenten probeer ik uit te dagen om het beste uit hunzelf te halen. Wanneer zij klaar waren met opdrachten kon ik ze vaak nog tips geven waardoor zij het nog konden perfectioneren. Ook heb ik voor de student die hier behoefte in heeft vaak een verdiepingsopdracht klaarliggen waarmee deze verder kan gaan in de lesstof. Een voorbeeld hiervan is de verdiepingsopdracht die ik in de HTML/CSS lessen had zitten. Deze is aan bod geweest in het beroepsopdracht over het construeren van een toets. Hierover kan gelezen worden op pagina 25 en 46 van het document “toets construeren”.
Link: Klik hier voor mijn opdracht over het construeren van een toets.

Bewijsmateriaal (van de minor)
Voorbeeld 1: WordPress les
Ik heb les gegeven aan mijn eigen klas en twee docenten over hoe je met wordpress een portfolio site maakt. Ik heb ze een wordpress-account aan laten maken en de volgende dag uitleg gegeven over hoe je een bericht post, een pagina aanmaakt, het verschil tussen een pagina en posts, hoe je een afbeelding toevoegt aan je wordpress en nog vele andere dingen. Nadat ik de uitleg heb gedaan heb ik de klas zelf laten stoeien met wordpress. Om ze op weg te helpen heb ik ook een handleiding geschreven waarin ze nogmaals konden lezen wat ik tijdens de uitleg verteld had. Ook heb ik geholpen bij vragen en wanneer er geen vragen waren heb ik gekeken hoe het ging en gevraagd of het allemaal lukte.
Ook heb ik na mijn les nog geëvalueerd met leerlingen uit de klas. Ik heb gevraagd wat zij van de les vonden, wat zij ervan opgestoken hadden, of de uitleg duidelijk was en waarom ik bepaalde keuzes gemaakt had voor de les. Hierop werd veelal positief gereageerd. Ook is het handig om in deze tijd zoiets te kunnen maken.
Link: http://www.ireem.nl/educatie/lessen-2/wordpress-les/

Voorbeeld 2: HTML en CSS les
Door mijn HTML en CSS opdracht heb ik ook meerdere onderdelen van deze competentie aangetoond. Zo laat ik de leerlingen inzien dat een portfolio belangrijk is om jezelf te onderscheiden van de andere met dezelfde opleiding. Dit is erg belangrijk om later aan een stage of baan te komen. Mensen die verder zijn in het programmeren kunnen ook complexere dingen maken. Ook heeft de opdracht raakvlakken met verwante vakken. Zo heb je namelijk buiten het HTML5 en CSS wat ik geef ook te maken met zaken als vormgeven, positionering, fonts en gebruiksvriendelijkheid.
Link: Naar de HTML / CSS lesopdracht

Voorbeeld 3: Balsamiq les
Ik toon dat ik boven de stof sta omdat ik mensen die geen ervaring hebben met een programma het gehele programma uit kan leggen. Ik weet waar welke functionaliteit staat en wat het doet en hoe je verdere instellingen kunt doen. Wanneer er vragen zijn kan ik deze ook beantwoorden en weet ik hoe ik dit duidelijk uitleg.
Link: naar verslag van de les


Hoe nu verder

In de toekomst wil ik blijven proberen de studenten zoveel mogelijk uit zichzelf te laten halen. Daarom zal ik zorgen dat ik een verdiepingsopdracht heb voor de studenten en probeer ik studenten te motiveren en te tripleren om een zo goed mogelijk resultaat neer te zetten. Daarbij vind ik het erg belangrijk dat de student in staat is zelfstandig te werken en zijn/haar verantwoordelijkheid te nemen. Ik denk dat dit ook iets wat in het bedrijfsleven van je verwacht wordt. Een onderzoekende houding en creatief, oplossend denkvermogen. Dit is dan ook iets waarin ik de studenten altijd bij wil staan. Ik wil de lessen die ik geef zo goed mogelijk aan laten sluiten bij de belevingswereld van de studenten omdat zij dan veel gemakkelijker het nut ergens van in zien en het ook interessanter vinden.

2. Pedagogisch competent

De leraar voortgezet onderwijs en bve moet de leerlingen/ deelnemers helpen een zelfstandig en verantwoordelijk persoon te worden die onder andere een goed beeld heeft van zijn ambities en mogelijkheden.

Een leraar voortgezet onderwijs en bve die pedagogisch competent is, biedt de leerlingen/deelnemers in een veilige leer- en werkomgeving houvast en structuur bij de keuzes die zij moeten maken en hij bevordert dat zij zich verder kunnen ontwikkelen. Zo’n leraar zorgt ervoor:
– Dat de leerlingen/deelnemers weten dat ze erbij horen, 
welkom zijn en gewaardeerd worden;
– Op een respectvolle manier met elkaar omgaan en 
uitgedaagd worden om verantwoordelijkheid voor elkaar 
te nemen;
– Initiatieven kunnen nemen en zelfstandig kunnen werken;
– Hun affiniteiten en ambities leren ontdekken en op basis 
hiervan keuzes kunnen maken met betrekking tot hun studie en loopbaan.

De leraar-in-opleiding heeft een duidelijk beeld van de sociale verhoudingen en het sociale klimaat binnen een groep (lastige) leerlingen, analyseert deze en handelt zelfstandig op basis van de bevindingen.
Verder heeft hij een goed beeld van individuele leerlingen, signaleert eventuele ontwikkelings- en/of gedragsproblemen en diagnosticeert deze met hulp. Hij begeleidt deze leerlingen en evalueert de gekozen aanpak (met coaching).
Hij verantwoordt zijn pedagogische opvattingen en de gekozen aanpak.


Waar ik stond

Om te kijken waar ik stond ben ik in het begin van het schooljaar begonnen met een SWOT-analyse te maken. Hierin heb ik mijn verbeterpunten en mijn sterke punten opgeschreven.

SWOT
Sterke punten
Mijn sterke punten binnen deze competenties zijn dat ik erop toezie dat iedereen met respect met elkaar omgaat. Ook verschillen tussen leerlingen probeer ik te zien en probeer ik ieder in zijn behoefte te voldoen. Door eigen inbreng van leerlingen te stimuleren en deze in de lessen te verwerken probeer ik leerlingen zelf mee te laten denken over hun eigen leerproces.

Zwakke punten
Ik denk dat ik bij deze competentie niet echt een punt heb wat ik niet beheers. Natuurlijk ga ik binnen de punten in deze competentie wel nog meer groeien wanneer ik meer les geef de komende jaren.

Leerdoelen begin van het schooljaar
*Klik op een leerdoel om naar het POP/PAP te gaan van het betreffende leerdoel*
Leerdoel 1: Uitproberen van verschillende opstellingen in de klas om te kijken wanneer er het beste gewerkt wordt afhankelijk van de lesdoelstelling.
Leerdoel 2: Zorgen dat er op een respectvolle manier met elkaar omgegaan wordt in de klas.


Wat ik heb gedaan/geleerd

Leerdoelen na tussenbeoordeling
Na de tussenbeoordeling heb ik mijn leerdoelen aangepast. Ik ben mij meer gaan richten op punten die ik nog erg lastig vond en dingen die ik graag nog wilde gaan doen of leren. De nieuwe leerdoel die hieruit kwam is:
C2.5 – De student daagt leerlingen uit om mee te denken over hun eigen ontwikkelings- en leerprocessen.

Afgelopen tijd ben ik op deze manier met de gestelde leerdoelen bezig geweest.
* 2.5 – Ik heb de studenten tijdens de module HTML/CSS hun website laten presenteren aan elkaar. Ze moesten wat vertellen over hun website over hun hobby, over gemaakte keuzes hierbij maar ook over wat zij geleerd hadden, wat zij volgende keer anders zouden doen etc.

Bewijsmateriaal Nu:
Voorbeeld 1: TomTom
Een voorbeeld binnen het zorgen voor een respectvolle omgeving is dat een jongen Tomtom heette. Iedere les moet hij dus weer aanhoren wanneer de naam opgenoemd wordt “navigatiesysteem”! Ik kan me voorstellen dat dit voor de klas niet duidelijk is dat dit eigenlijk niet zo respectvol is maar de jongen hoort dit erg vaak en dit is niet zo respectvol. Ik heb dit meteen de kop in gedrukt door te zeggen dat ik dit niet meer wil horen.
Link: *Zie gebeurtenis in blog

Voorbeeld 2:
Om de studenten meer bewust te maken van en uit te dagen in het meedenken over hun eigen leer- en ontwikkelingsproces heb ik de studenten in de les HTML/CSS hun website aan elkaar laten presenteren. Hier moesten zij ook vertellen over gemaakte keuzen, wat zij geleerd hadden en wat zij volgende keer anders zouden doen. Ook heb ik bij de module Leonardo de studenten met het groepje samen een blog/vlog laten maken. Hiermee kunnen zij aan het einde van de periode ook zien welk proces zij doorlopen hebben en hier nog eens op terug kijken. Grappig was dat ik dit ook van studenten terug gekoppeld kregen dat ze het handig vonden om uiteindelijk nog terug te kunnen kijken in hun proces.
Link: *Zie gebeurtenis in blog

Bewijsmateriaal (van de minor)
Voorbeeld 1: HTML/CSS lessen
Als voorbeeld op het onderwerp ambities ontdekken heb ik dit geprobeerd door te voeren in de HTML en CSS lessen die ik geef. De leerlingen mogen zelf bepalen wat zij van hun eigen portfolio website gaan maken. Wanneer een leerling ontdekt dat het programmeren van een website niets voor hen is dan volstaat een simpele portfolio website en kan hij/zij hiermee het vak afronden. Wanneer een leerling het wel heel erg leuk vindt dan kan deze ook verder gaan met het uitdiepen van hun pagina en extra uitvinden en vragen betreffende de mogelijkheden voor hun portfolio website.
Link: naar verslag van les

Voorbeeld 2: HTML/CSS lessen
Als voorbeeld op het onderwerp eigen inbreng heb ik dit geprobeerd door te voeren in de HTML en CSS lessen die ik geef. De leerlingen mogen hun vragen stellen en aangeven waaraan zij behoefte hebben. Deze vragen en onderwerpen verwerk ik dan in de volgende les. Hierdoor probeer ik te voldoen aan de behoefte van de ambities en eigen inbreng van de leerlingen.
Link: naar verslag van de les


Hoe nu verder

Ik denk dat dit een competentie is welke ik redelijk goed beheers. Dit blijkt ook uit mijn eindbeoordeling. Ik heb op alle onderdelen van het beoordelingsformulier hier een goed gescoord. En dus uiteindelijk ook een goed als eindbeoordeling voor deze competentie. Ik vind het belangrijk om altijd te proberen voor de student een veilig klimaat in de klas te realiseren. Niets is vervelender als dat er gepest zou worden o.i.d. Daarom zal ik altijd mijn best doen om dit tegen te gaan.

1. Interpersoonlijk competent

De leraar voortgezet onderwijs en bve moet ervoor zorgen dat er in de groepen waarmee hij werkt, een prettig leef- en werkklimaat heerst.

Een leraar die interpersoonlijk competent is, geeft op een goede manier leiding. Zo’n leraar schept een vriendelijke en coöperatieve sfeer en brengt een open communicatie tot stand.

Zo’n leraar bevordert de zelfstandigheid van de leerlingen/deelnemers en zoekt in zijn interactie met leerlingen/deelnemers een goede balans tussen:
– Leiden en begeleiden
– Sturen en volgen
– Confronteren en verzoenen
– Corrigeren en stimuleren

De leraar in opleiding stimuleert, ook in ietwat lastige groepen, leerlingen tot gewenst gedrag en spreekt hen zowel individueel als groepsgewijs aan op hun gedrag zodat er een op samenwerking gerichte sfeer ontstaat. Hij beheerst diverse professionele gespreksvaardigheden en past deze zelfstandig toe.


Waar ik stond

Om te kijken waar ik stond ben ik in het begin van het schooljaar begonnen met een SWOT-analyse te maken. Hierin heb ik mijn verbeterpunten en mijn sterke punten opgeschreven.

SWOT
Sterke punten
Mijn sterke punten binnen deze competentie is dat ik goed mijn volume, tempo en lichaamshouding kan inzetten. Hiermee kan ik leerlingen bij de les houden en motiveren. Ook vat ik samen om zeker te weten dat ik de leerling begrepen heb. Ook vraag ik door wanneer ik denk dat de leerling het antwoord wel weet maar nog niet helemaal het goede antwoord gegeven heeft. En ik onderhoud contact met de leerlingen binnen de school context. Zo heb ik bijvoorbeeld al een leerling gehad die voor studieadvies naar mij toe kwam.

Zwakke punten
Ik vind het nog wat lastig soms om te zeggen wanneer leerlingen ongewenst gedrag vertonen. Bijvoorbeeld wanneer een leerling met andere dingen bezig is en ik deze al een keer aangesproken heb en hij/zij dan nog steeds met andere dingen bezig is.

Dit zwakke punt is hierdoor ook mijn leer-/verbeter punt waarin ik natuurlijk ga groeien als ik meer les geef in de komende jaren.

Leerdoelen begin van het schooljaar
*Klik op een leerdoel om naar het POP/PAP te gaan van het betreffende leerdoel*
Leerdoel 1-1: Aanspreken van leerlingen op negatief gedrag.
Leerdoel 2-1: Regels van de school leren kennen met betrekking tot leerling verwijderen of niet maken van huiswerk zodat ik deze regels van de school kan hanteren.


Wat ik heb gedaan/geleerd

Leerdoelen na tussenbeoordeling
Na de tussenbeoordeling heb ik mijn leerdoelen aangepast. Ik ben mij meer gaan richten op punten die ik nog erg lastig vond en dingen die ik graag nog wilde gaan doen of leren. De nieuwe leerdoelen die hieruit kwamen zijn:
C1.5 – De student gaat professionele, persoonlijke relaties aan met leerlingen.
C1.7 – De student corrigeert ongewenst gedrag en waardeert gewenst gedrag.

Afgelopen tijd ben ik op deze manier met de gestelde leerdoelen bezig geweest.
* 1.5 – Ik probeer meer een praatje met de studenten te maken. Zo vraag ik als studenten vroeg zijn hoe het weekend was of als het later in de week is gewoon hoe het gaat of wat de plannen zijn voor het volgende weekend. De meeste studenten vertellen wel over wat ze gaan doen.

*1.7 – Ik merk dat ik dit nog wel lastig vind maar dat ik het wel steeds vaker zeg. Ook zeg ik het als de klas goed gewerkt heeft of als iemand goed bezig is probeer ik dit ook te uiten. Zo’n situatie is toevallig ook opgenomen toen ik mijn les aan het filmen was. Hieronder de situatie.

Student te laat, oordopjes in from Ireem van Leersum on Vimeo.

Het wachtwoord om het filmpje te kunnen bekijken is: LeraarTechnischBeroepsonderwijs

Bewijsmateriaal van nu
Voorbeeld 1: Corrigeren van negatief gedrag en waarderen van gewenst gedrag
Zoals hierboven te zien in het filmpje ben ik bezig met het corrigeren van ongewenst gedrag. Ook ben ik bezig met positief gedrag te benoemen. Een voorbeeld hiervan is: Donderdag 9 juni heb ik de studenten een compliment gemaakt over hoe hard zij gewerkt hadden. De studenten waren eigenlijk allemaal klaar met de opdrachten voor vandaag en daarna ook nog verder gegaan met verdere onderzoek. Daarom heb ik ze 5 minuten voor het einde van de les al hun spullen laten inpakken en lekker richting de pauze gestuurd.
Link: Klik hier voor het voorbeeld dat beschreven staan in het logboek van week 38.

Voorbeeld 2: Corrigeren van negatief gedrag en waarderen van gewenst gedrag
Tijdens mijn lessen communiceer ik goed en spreek duidelijk. Dit kreeg ik van zowel Monique als Yvonne als Sandra te horen toen zij mijn lessen bezochten. Dit is ook terug te zien in het eindbeoordelingformulier die ingevuld is om mijn stage te beoordelen.
Link: Klik hier voor de pagina met het beoordelingsformulier.

Voorbeeld 3: Stiekem van groepje verwisseld
Tijdens de 3e les van de Leonardo module ben ik erachter gekomen dat er twee studenten zijn die niet in het juiste groepje zaten. Ik heb hier even contact met Monique over gehad en nu bleek dat de student toestemming had gevraagd per mail aan haar maar deze niet gekregen te hebben. Ik heb de student apart genomen en deze gewezen op zijn gedrag. Het wordt niet getolereerd dat je zomaar in een ander groepje aansluit. In het bedrijfsleven kun je ook niet kiezen met wie je samenwerkt. Nu benadeeld hij met zijn actie zichzelf, degene die hij overgehaald over heeft om te ruilen en de rest van het groepje omdat zij weer met iemand anders erbij samen moeten werken.
Link: Klik hier voor het voorbeeld dat beschreven staan in het logboek van week 38.

Bewijsmateriaal (van mijn minor)
Voorbeeld 1: Miniles
Ik heb mijn miniles gegeven in de klas. Ik heb als feedback gekregen dat ik goed gebruik maak van mijn stem en dat ik een goed tempo hanteer wanneer ik aan het vertellen ben. Tijdens de vragen die ik stelde luisterde ik naar de antwoorden van mijn leerlingen. Ik vroeg door wanneer ik meer wilde horen en vatte samen om te begrijpen of ik heb begrepen wat de leerling zei. Ook heb ik tijdens de les veel verschillende leerlingen in de klas aangesproken en de beurt gegeven waardoor ik ze betrokken hield bij het onderwerp. Ook heb ik ingegrepen wanneer tijdens een discussie die opgang kwam een andere student zijn verhaal niet meer kon doen die wel zijn hand opstak.

Voorbeeld 2: 3e HTML / CSS les (stage)
Ik heb ook gekozen voor mijn 3e HTML en CSS les. Hier heb ik een opname van mij laten maken zodat ik deze ook terug kon kijken en deze voor mijzelf kon evalueren. Hierdoor kan ik zelf zien wat ik doe qua tempo en volume en dergelijke. Ook probeer ik de klas vragen te stellen en dingen terug te leggen zodat ik de klas hiermee stimuleer bij het onderwerp te blijven. Ook probeer ik wanneer er in de klas een opmerking gemaakt wordt deze in mijn les te verwerven waardoor de leerling het gevoel krijgt dat opmerkingen gewaardeerd worden. Hierdoor probeer ik een veilige leeromgeving te maken waarin iedereen zijn of haar zegje kan doen. Ook heb ik van mijn stagebegeleider positieve feedback gekregen over hoe ik voor de klas sta en hoe ik mijn les ingedeeld heb.

Voorbeeld 3: Balsamiq les (stage)
Als laatste voorbeeld heb ik gekozen voor de Balsamiq-les die ik bij een andere docent in de les heb overgenomen. Ik moest een programma uitleggen waarmee zij daarna aan de slag konden gaan. Van deze docent heb ik als feedback gekregen dat ik erg goed vertelde. Het was een logisch verhaal, was goed te volgen, goed tempo, goede volume. Ze was zeer tevreden. Een functie was ik vergeten maar daar stelde zij de vraag voor en die functie heb ik aan de hand van de vraag uitgelegd.
Link: naar verslag van de les


Hoe nu verder

Deze competentie beheers ik best goed. Het enige punt waarop ik zelf nog wil groeien is nog steeds het corrigeren van ongewenst gedrag en het benoemen van goed gedrag. Dit is denk ik een punt wat wel vervelend blijft om te doen maar wel gemakkelijker wordt als je meer uren voor de klas hebt gestaan. Je wordt namelijk steeds zekerder en je weet steeds gemakkelijker je grenzen te stellen. Ook denk ik dat het handig kan zijn om met andere collega’s te praten over hoe zij dit aanpakken en waar zij de grenzen stellen.

Onderwijsbiografie

Onderwijsautobiografie

Kleuterschool (Groep 1/2)
kleuterschool
De kleuterschool is natuurlijk erg lang geleden. Mijn ouders hebben de keuze gemaakt voor een school en daar ging ik naar toe. Tijdens mijn kleuterschool heb ik een leuke periode gehad als ik de verhalen van mijn ouders hoor. Ik ging met plezier naar school en vond het totaal niet erg om naar school te gaan.

De docent
De juffrouw in de kleuterklas is zoals ik mij kan herinneren een soort 2e moeder. In de klas zorgde zij ervoor dat je je thuis voelde en dat je in een gezellig omgeving kon spelen en leren. Veel meer weet ik hier niet meer van.

Keuze basisscholen
basisschoolBij de keuze van mijn basisscholen hebben mijn ouders eigenlijk ook de keuze gemaakt. Ik heb het op de basisschool erg naar mijn zin gehad. Ik vond de dingen die we gingen doen op school vaak erg leuk. Minder leuk was voor mij het veranderen van basisschool toen we in de zomervakantie van groep 6 naar groep 7 gingen verhuizen. Hierdoor moest ik naar een nieuwe school en moest ik mijn vrienden achter laten. Uiteindelijk heb ik wel snel weer nieuwe vrienden gemaakt en vond ik het toch leuk.

Ik zou geen leraar op de basisschool willen worden omdat ik hiervoor niet de juiste kennis bezit. Het lijkt mij leuk om mensen iets te leren over ICT en vormgeven en dat hoort niet thuis op de basisschool.

De Cito score welke ik behaald had was door mijn faalangst niet erg goed. De lerares wist wat ik presteerde in de les en heeft met hierop een VMBO-T advies gegeven. Ik weet nog dat de adviezen wel vergeleken werden door klasgenoten onder elkaar. Meteen gingen we kijken wie nog meer dat advies had en vragen waar zij naar school gingen. Zo probeerde je toch een beetje de mensen die je kende bij elkaar te houden zodat je al iemand kent als je op de nieuwe school komt.

De docent
Op de basisscholen herinner ik mij 2 docenten erg goed. Juffrouw Marjolein die ik in groep 3 en 4 gehad heb en juffrouw Siets van groep 7 en 8. Juf Marjolein was een erg lieve juf die ervoor zorgde dat je je op je gemak voelde op school. Toch begon vanaf groep 3 wel echt het schoolse systeem. Het zitten achter je eigen tafeltje opgesteld in rijtjes in de klas. In groep 3 en 4 is het echt een stuk minder spelen en meer leren.

In groep 7 & 8 herinner ik mij Juf Siets. Dit was op mijn nieuwe school. Ook dit was een aardige juf maar hier kregen we wel echt huiswerk op wat je dan aan het einde van de week geleerd moest hebben. Ik weet nog dat ik hier erg aan moest wennen want ik had in groep 6 op mijn andere school wel ooit wat werk wat ik thuis af moest maken maar niets wat je dan ook echt moest leren, op een keer een spreekbeurt na.

Middelbare school
middelbareschoolDe keuze voor de middelbare school heb ik zelf mogen nemen. Wel ben ik met mijn ouders samen naar meerdere middelbare scholen wezen kijken. Ik kreeg wel zelf de keuze waar ik op school zou willen. Ik heb als ik naar mij persoonlijk kijk geen rekening gehouden met scholen waar mensen die ik kende naar toe gingen want meerdere vriendinnen gingen naar een andere school maar deze school sprak mij niet aan.

Toen ik voor het eerst op de middelbare school kwam vond ik dit erg spannend. Een groot gebouw, je bent in een keer weer de jongste, steeds naar andere lokalen en andere docenten. Uiteindelijk waren de angsten om bijvoorbeeld de lokalen niet te kunnen vinden en dergelijke voor niets.

Op de middelbare school heb je veel verschillende leraren. Ik weet nog dat ik niet zoveel had met mijn lerares Duits en Frans en mijn leraar geschiedenis. Ik denk dat dit vooral ook kwam omdat ik de taalvakken niet zo goed kon en bij de leraar geschiedenis vond ik het niet leuk omdat ik het gewoon niet interessant vond.

Het verloop van mijn middelbare school is verder goed gegaan. In 1 VMBO had ik alleen maar goede cijfers en daarom ben ik overgegaan naar 2 HAVO. Hier ging het op zich prima alleen gingen in dat jaar mijn ouders scheiden. Hierdoor heb ik een beetje met de pet gegooid naar de vakken die ik al moeilijk vond waardoor ik deze niet gehaald heb. Hierdoor heb ik de keuze moeten maken of ik bleef zitten en 2 HAVO opnieuw ging doen of dat ik naar 3 VMBO ging. Ik heb gekozen om naar 3 VMBO te gaan. Dit heb ik gedaan omdat ik de mensen die in de VMBO klas zaten toch al kende en ik in 2 HAVO bij mensen zou komen die ik niet ken. Maar de keuze werd ook makkelijker omdat ik in dat jaar al wist naar welke opleiding ik wilde na de middelbare school. Dit was een MBO-4 opleiding en daar kun je met VMBO-T dus prima heen. Mijn ouders hebben de keuze volledig aan mij gelaten maar omdat ik mijn vervolg opleiding al wist en ik daar heen kon met VMBO vonden ze mijn keuze geen probleem.

Voor mijn werkhouding was het terug gaan naar VMBO niet erg goed. Ik wist dat ik HAVO aan kon en ging dus op het VMBO minder leren. Ik deed mijn huiswerk wel maar echt leren hoefde ik niet (overlezen was vaak genoeg). Als ik ergens een slecht cijfer voor stond dan ging ik wel een keer goed leren (vaak was dat dan voor de proefwerkweek) omdat deze toetsen veel meer meetelde en je daardoor dus je punt enorm op kon halen.

Keuze vakkenpak middelbare school
Als keuze voor het vakkenpakket heb ik alle vakken gekozen waar ik goed in was en die ik leuk vond. Voor mijn vervolgopleiding had je alleen wiskunde nodig als verplicht vak en daarom heb ik verder gekozen wat ik leuk vond. (Wiskunde was overigens ook een favoriet vak van mij). Mijn ouders hebben natuurlijk de keuze met mij doorgesproken en hebben me een beetje geholpen met het samenstellen. Zo hebben ze me verteld dat ik economie goed kon doen omdat ik daar wel redelijk goed in was en dat is altijd handig om te hebben gehad.

Keuze MBO opleiding
mbo
Zoals eerder gezegd wist ik in het einde van het 2e leerjaar al welke vervolg opleiding ik wilde gaan doen. Ik ben toen al naar de open dag geweest om te kijken of mijn verwachtingen ook echt goed waren. Meteen voelde ik me op die school op mijn plaats.

Toen ik op die school zat had ik het erg naar mijn zin. Hier heb ik wel pas echt inzicht gekregen in wat het vakgebied inhield en wat ik zou gaan doen in het bedrijfsleven.

Keuze stage
Bij de keuze van het stagebedrijf voor mijn MBO opleiding heb ik informatie ingewonnen bij mijn vriend die dezelfde opleiding heeft gedaan. Hij had een hele leuke stage gelopen en mij leek het na de verhalen ook erg leuk. Daar heb ik dan ook gesolliciteerd en stage gelopen. Tijdens mijn stage heb ik erg veel geleerd van het bedrijfsleven. Ook tijdens mijn tweede stage (meer programmeren) heb ik veel geleerd maar vooral was voor mij duidelijk dat ik dat niet leuk vond.

De docent
Op het MBO is de sfeer al een stuk anders als op de middelbare school. Er wordt minder moeilijk gedaan wanneer je te laat bent (dit gebeurd ook minder in de klas). De leraar hoeft vaak niet met ‘meneer’ en ‘u’ aangesproken te worden. En ook het naar de toilet gaan is geen probleem en hoef je bij sommige leraren niet eens te vragen. Het voelt alsof de kloof tussen de docent en de leerling kleiner wordt gemaakt. Je weet waarvoor je op school zit en er wordt verwacht dat je zelf zorg draagt voor het feit dat je er bent en dat je je huiswerk af hebt. Dit is totaal anders dan op de middelbare school waar je huiswerk vaak gecontroleerd wordt.

Keuze HBO opleiding
Aan het einde van mijn MBO opleiding was ik wel een beetje klaar met het ICT en programmeren. Ik heb veel testen gedaan op internet over welke opleiding bij je zou passen en meerdere opleidingen bekeken. Hierdoor heb ik ervoor gekozen om een totaal andere richting op te gaan.

Zoals ik eerder zei ben ik een totaal andere richting van school op gegaan. Op het moment dat ik deze keuze maakte wist ik niet precies meer of ICT mijn ding was en daarom koos ik een andere opleiding. Dit was de opleiding vrijetijdsmanagement. Na 4 maanden deze opleiding mistte ik toch het vormgeven weer en ben ik gestopt met de opleiding vrijetijdsmanagement.

Werken
Omdat ik geen school meer had heb ik 9 maanden gewerkt. In deze periode heb ik goed nagedacht over het werken, studeren, welke opleiding… Ik wilde nog niet fulltime werken en wist dat ik nog niet klaar was met studeren. Ook het behalen van een HBO diploma vergroot je kansen enorm.

In deze periode heb ik voornamelijk zelf nagedacht. Weinig mensen
in mijn omgeving heb ik hierop invloed laten uitoefenen. Natuurlijk
heb ik wel gepraat met mijn vriend. Hij vondt het ook een slimme
keuze maar hij zegt wel altijd dat ik het zelf moet willen en het niet
voor andere mensen moet doen.

Keuze HBO opleiding
hbo_ict
De keuze voor de HBO opleiding ICT en media Design was geen verrassende keuze. Ik miste het vormgeven en wilde er nog wel meer van leren. Dit doe ik nu dus. Mijn ouders hebben in de keuze van de opleiding eigenlijk geen invloed. Natuurlijk vertel ik het ze en geven zij hun mening maar ze staan volledig achter me.

Keuze stagebedrijf
De stage die ik heb gelopen heb ik niet echt zelf uitgekozen. Ik kon lastig aan een stageplaats komen en via een docent van mij heb ik alsnog een bedrijf gevonden. Hier werkt hij zelf ook 2 dagen in de week. De plaats is enorm goed bevallen en ik heb in een half jaar echt meer geleerd dan ik in een jaar daarvoor op school geleerd heb. Ik heb veel vrije ruimte gehad om te doen wat ik wilde en deze tijd heb ik kunnen besteden voor het aantonen van mijn PHP competentie. Ook heb ik een enorm gave opdracht kunnen doen voor het ontwerpen van een App wat behoorlijk nieuw voor mij is en hierdoor heb ik er enorm veel van geleerd. Dit is natuurlijk wel het vormgeven wat steeds meer voor komt. Ook heb ik voor mijn stageverslag veel tijd gekregen en daardoor heb ik alles heel goed af kunnen ronden. Ik heb voor mij stage een 9 gekregen, voor het stageverslag een 8 en voor de presentatie een 7,5. Ondanks een leuke stage wist ik dat ik niet 5 dagen in de week op kantoor wil zitten.

Keuze Minor
De keuze van de minor ben ik over na gaan denken toen ze op school begonnen over de minor. Wel eerder sprak het lerarenvak mij aan maar heer heb ik niets mee gedaan verder. Toen mij duidelijk werd dat je ook binnen het ICT de minor educatie kon gaan doen was ik blij verrast. Mijn ouders stonden enorm achter mijn keuze omdat het natuurlijk een vergroting van je kansen is.

De minor sluit aan met mijn mayor opleiding omdat op MBO scholen ook les gegeven moet worden over het vak en ik denk dat ik op school goed praktijkvoorbeelden in het onderwijs kan gebruiken.

De minor was iets wat voor mij positief is uitgevallen. Een enorm leuke stage heb ik gelopen op het SintLucas in Eindhoven waar ik zelf 2e jaars crossmedia studenten HTML/CSS heb gegeven. Ook heb ik 4e jaars studeren mee begeleidt met projecten. Ik vond het helpen en ondersteunen enorm leuk om te doen.

Afstuderen
De periode voor het afstuderen was zwaar. Er wordt veel van je verwacht doormiddel van het onderzoek wat je moet doen en je scriptie die je hierop moet schrijven. Dit terwijl je stage loopt en waar ze ook graag willen dat je ze nog eens mee helpt met andere werkzaamheden.

De docent
Op het HBO is de kloof tussen docent en leerling net als op het MBO niet zo groot meer. Echter heb je wel meer colleges in de collegezaal dit is wel echt het vertellen -> aanhoren principe. Er wordt een grote zelfstandigheid verwacht en als je vragen hebt dan zul je zelf naar het antwoord moeten zoeken of een docent vragen. De docent controleert niet meer of iedereen het begrijpt. In sommige gevallen maakt het zelfs niet uit als je niet in de les aanwezig bent geweest. Als je uiteindelijk maar je product oplevert of je tentamen kunt maken.

Keuze deeltijd Leraar Technisch Beroepsonderwijs
De keuze om mijn onderwijsbevoegdheid te gaan halen was niet moeilijk. Het gene wat mij tegenhield was het feit dat ik nog een jaar voltijd naar school moest. Uiteindelijk heb ik de keuze gemaakt dit te gaan doen maar toen vond ik de deeltijd opleiding voor leraar technisch beroepsonderwijs.

De docent
Omdat het een deeltijd opleiding betreft gaat het heel anders op school. Er wordt meer in groepjes gewerkt in de klas en omdat de lessen maar 3 uur zijn in de week wordt er meer zelfstudie verwacht.